Stops en het diafragma

Amy Schutte 327
Het diafragma is één onderdeel van de belichtingsdriehoek. En een heel belangrijke. Hiermee bepaal je mede hoeveel licht er op de sensor valt, en wat de scherptediepte van je foto wordt.

We hebben het, in fotografie, vaak over belichting. Licht staat immers aan de basis van fotografie en is het belangrijkste element om een foto te kunnen maken. Diafragma is daar een groot onderdeel van.

Belichtingsdriehoek

De belichting van je foto kun je, in je camera, op drie manieren beïnvloeden:  met het diafragma, de sluitertijd en de ISO, ook wel de belichtingsdriehoek genoemd. Al deze elementen worden op een andere manier uitgedrukt Het concept “stops” werd uitgevonden als een handige manier om de 3 elementen met elkaar te vergelijken.

Stops

Als we het hebben over belichting, hebben we het vaak over ‘stops’. Een stop is een verdubbeling of halvering van de hoeveelheid licht dat de sensor van de camera bereikt bij het maken van een foto. Wanneer je iemand hoort zeggen dat hij de belichting met 1 stop gaat verhogen, bedoelt hij dus dat hij de belichting op de foto gaat verdubbelen in vergelijking met de vorige foto. Dit betekent dat wanneer je fotografeert met f/5.6 en je wilt naar f/8 maar met dezelfde belichting, dan moet je zorgen dat de sluitertijd precies tweemaal zo lang wordt (omdat f/8 slechts de helft licht doorlaat als f/5.6). Maar, diafragma, sluitertijd en ISO worden in andere eenheden uitgedrukt en hebben hele andere waarden. ISO kan in de tienduizenden lopen terwijl diafragma over decimalen kan gaan.

Diafragma

Het diafragma moet je zien als een soort pupil. Pupillen worden groter naarmate er minder licht is; zo kan er meer licht worden doorgelaten. Bij veel licht zijn ze dan ook kleiner. Het diafragma werkt net zo. De grootte van het diafragma wordt uitgedrukt in f-getallen, die de diameter van het diafragma aangeven. Soms wordt dit ook wel een f-stop genoemd. Een lager f-getal zorgt voor een grotere opening en geeft dus meer licht, terwijl een hoger f-getal voor een kleinere opening zorgt en minder licht.
Door de manier waarop f-getallen zijn berekend staat een stop niet gelijk aan het verdubbelen of halveren van het f-getal. Helaas. Je moet een f-getal vermenigvuldigen of delen door 1.41 (wortel van 2). Wanneer je van f/16 naar f/11 gaat vergroot je de opening met 1 stop omdat 16 delen door 1.41 uitkomt op 11. Dat is behoorlijk ingewikkeld. Ben je niet zo’n rekenwonder? Dan kun je ook het lijstje f-stops uit je hoofd leren. Op den duur weet je het namelijk vanzelf.  

Van klein diafragma (donker) naar groot (licht):
f 22, f 16, f 11, f 8, f 5.6, f 4, f 2.8, f 1.4, f1

Het rijtje is niet volledig, maar het kan je op weg helpen. Bij veel camera’s moet je dus meerdere keren aan het wieltje draaien voordat je één stop bij of teruggedraaid hebt. Vaak is het drie tikjes.

Wat doet diafragma

Diafragma bepaalt hoeveel licht er wordt doorgelaten. Daarmee is het bepalend voor de scherptediepte van je foto: hoeveel van je foto is er scherp. Een kleine scherptediepte betekent dat er maar een klein gedeelte van je foto scherp is. Veel van de voor- en achtergrond is onscherp. Deze foto’s worden genomen met een grote diafragmaopening, een laag f/getal (zoals f/1.8). Dit is populair voor macro foto's, en portretten. Een foto met een grote scherptediepte heeft juist heel veel scherp, ook de voor- en achtergrond. Die worden genomen met een kleine diafragmaopening, een hoog f/getal (zoals f/22). Dit zie je bijvoorbeeld veel bij landschapsfotografie.

 

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy