Hoe maak je je belichtingsinstellingen handmatig?

Amy Schutte 130
Het handmatig maken van je belichtingsinstellingen lijkt ingewikkeld. Termen als diafragma, sluitertijd en ISO, ofwel de belichtingsdriehoek, vliegen je om de oren. We schijnen licht in de duisternis.

Als je net je eerste camera hebt gekocht, begin je waarschijnlijk met fotograferen op de automatische instellingen. Al die termen die met belichting te maken hebben zeggen je nog niets, en het klinkt allemaal als heel veel om te onthouden.

In principe valt dat heel erg mee. Bovendien hoef je niet alles te onthouden, want je camera helpt je een handje.

Belichtingsmeter

Om je instellingen te kiezen hoef je niet zelf helemaal te bedenken wat de goede getallen zijn voor de instellingen die bij de situatie horen. Je camera heeft namelijk een ingebouwde lichtmeter. Daarmee wordt gemeten hoeveel licht gereflecteerd wordt van het onderwerp dat je wil fotograferen. Als je de camera op ‘M’ zet (Manual/handmatig) kun je de belichtingsmeter zien door door je zoeker of op LiveView te kijken en de sluiter half in te drukken. Je ziet dan een balkje met getallen. Onderin zit een driehoekje of balkje dat beweegt, richt maar eens op iets lichts en vervolgen op iets donkers. Als die op het midden staat, betekent dat in principe dat het onderwerp goed belicht is. Iets naar rechts (+1 of +2) betekent dat er iets overbelicht is, iets naar links (-1 of -2) iets onderbelicht. Met het wieltje kun je het bijstellen.

Belichtingsdriehoek

Er zijn drie instellingen die je kunt maken met je camera die van invloed zijn op de belichting. Als je er één van aanpast wordt je foto al lichter of donkerder, maar voor elk is het effect net anders. Ze veranderen namelijk de belichting op een andere manier. Deze drie noemen we de belichtingsdriehoek en bestaat uit diafragma, sluitertijd en ISO.

Diafragma

In je lens zit een soort ‘iris’ die je kleiner en groter kunt maken: het diafragma. Je kunt je voorstellen dat dit diafragma meer licht doorlaat wanneer die wijder open staat, en minder wanneer die wat meer dicht zit. De mate waarin het diafragma open staat wordt uitgedrukt in het f/getal. Hoe kleiner het f/getal, hoe meer het diafragma open staat (en hoe lichter je foto dus wordt). Het diafragma heeft invloed op de scherptediepte: het gedeelte van je foto dat scherp wordt. Wil je een wazige, onscherpe achtergrond? Dan kies je een grote diafragmaopening, dus een laag f/getal. Wil je liever alles scherp? Dan doe je het omgekeerde; je maakt het diafragma juist wat kleiner.

Sluitertijd

De sluitertijd of belichtingstijd geeft aan hoe lang de sluiter van je camera open staat. Gedurende die tijd valt er licht op je sensor. Je kunt je dus misschien voorstellen dat een langere sluitertijd betekent dat er meer licht op de sensor valt, en je foto dus lichter wordt. Wel ga je op een gegeven moment beweging zien in je foto. Bijvoorbeeld door kleine bewegingen van je hand, of door beweging van het onderwerp zelf. Een sluitertijd van 1/500 betekent dat de sensor een vijfhonderste van een seconde belicht wordt. Hoe hoger dat getal, hoe korter de sluiter open staat en hoe ‘donkerder’ je foto. Maar met een korte sluitertijd kun je wel mooi bewegende onderwerpen ‘bevriezen’.

ISO

Met de ISO waarde kun je de lichtgevoeligheid van je sensor instellen. Een ISO waarde van 100 betekent dat er veel licht op moet vallen want hij is het minst lichtgevoelig. Maar, in donkerdere omstandigheden kun je de ISO omhoog zetten. Dan is de sensor gevoeliger en pikt deze dus meer van het beschikbare licht op. Bij hoge ISO’s kun je wel ruis in je foto’s krijgen. Wanneer dat gebeurt (bij welke ISO waarde) is per camera verschillend. Over het algemeen hebben duurdere, high-end camera’s hier minder snel last van dan instapmodellen. Je kunt dit het beste zelf uittesten door dezelfde foto met verschillende ISO’s te maken. Over het algemeen kun je het beste de laagste ISO pakken die de omstandigheden toelaten.

Maak voortaan zelf je belichtingsinstellingen

Welke belichtingsinstellingen je verandert is dus aan jou. Maar het effect op je foto is bij alle drie verschillend. Het is dus een kwestie van oefenen. Maar het is helemaal niet zo ingewikkeld als het lijkt!

 

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy