Een idee van schaal in je foto

Amy Schutte 282
Grootse onderwerpen maken goede foto’s. Mits je het voor elkaar krijgt om de grootsheid van het onderwerp over te brengen.

Want hoe vaak kom je niet thuis met een foto van een mooi landschap of een hoge boom, en de grootheid ervan komt gewoon niet tot zijn recht? Hoe krijg je nu de grandeur en schaal van een driedimensionale situatie overgebracht in een tweedimensionaal beeld?

Begrijp de invloed van je objectief op het beeld

Elk objectief heeft bepaalde eigenschappen die sterk samenhangen met de brandpuntsafstand. Zo heeft een groothoekobjectief de eigenschappen om verhoudingen enorm te vertekenen. Dingen die dichter bij de lens zijn lijken vele malen groter dan de dingen die verder weg staan. Bij portretten kan dat bijvoorbeeld resulteren in een neus die veel groter lijkt dan die daadwerkelijk is. Hoe meer je inzoomt, hoe minder deze vertekening is. Je kunt daar je voordeel mee doen, maar houd het in je achterhoofd.

Geef een referentie mee voor schaal

Hoe kan je zien dat iets groot is? Door er een voorwerp bij te laten zien, waarvan we ongeveer de afmeting weten. Dan heb je iets om de schaal tegen af te meten Een groot groen landschap zegt niet veel, als kijker kun je maar moeilijk zien hoe ver of hoe dichtbij je bent. De kijker weet immers niet of de rivier een grote brede rivier is of een lullig stroompje. Door een huis, kerkje of persoon op te nemen in je foto (of welk ander voorwerp je kunt bedenken) zie je ineens hoe groots het is; het huisje valt volledig in het niet, kun je nagaan hoe hoog die erg is/hoe groot die rivier/ hoe hoog die boom.

Laat afstand zien

Het tonen van afstand in een platte foto is een enorme uitdaging. Maar je kunt wellicht in elk geval het gevoel van afstand vergroten. Zet daarvoor bijvoorbeeld scherptediepte in. Door de achtergrond onscherper te maken, krijg je als kijker meteen het gevoel dat het verder weg is. Je kunt dit doen door dichter bij een voorgrond onderwerp te gaan, door met een grote diafragmaopening te fotograferen of door een grotere brandpuntsafstand te kiezen. Zorg dat de achtergrond interessant is, en je ‘m niet helemaal ‘onleesbaar’ maakt. Dan is je gevoel van afstand misschien weer teniet gedaan.

Ga verder weg

Soms zie je een persoon op de top van een berg. Maar het zou net zo goed een rotsblok kunnen zijn: als we niets van de omgeving zien, leren we het verhaal ook niet kennen. Neem dus de hele omgeving mee, alles wat nodig is om het verhaal te vertellen. Heeft iemand een berg beklommen? Dan zul je ver weg moeten, zo ver weg dat je het dal mee kunt nemen in je foto. Pas dan realiseert de kijker zich de hoogte, en dus de prestatie. Natuurlijk is het in dat geval niet meer mogelijk om de euforische gezichtsuitdrukking van de klimmer mee te nemen. Neem dus niet meer ruimte dan je nodig hebt, en vraag je van tevoren af welke compositie het verhaal het beste vertelt.

Een ander perspectief

De meeste foto’s worden min of meer gemaakt vanaf ooghoogte. Maar, om de schaal van een foto mee te nemen, kun je ervoor kiezen om de hoogte in te gaan. Je kunt proberen jezelf op een hogere positie te plaatsen, bijvoorbeeld in een hoog gebouw of op een heuvel. In sommige gevallen kun je je camera boven je hoofd tillen, als je een kantelbaar scherm hebt. Of je kunt een drone inzetten, als je die tot je beschikking hebt. Denk aan zichtlijnen, voor een gevoel van diepte, en referentiepunten, ook van bovenaf kan de schaal teniet gaan.

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy