Vier basisstappen in nabewerking

Amy Schutte 1094
Eén van de grote voordelen van digitale fotografie is het gemak waarmee je je foto’s kunt nabewerken.

Vroeger, in de tijd van analoge fotografie, konden foto’s ook wel worden verbeterd, maar dat was een veel ingewikkelder proces. Toch werd het zeker wel gedaan, want nabewerking is nu eenmaal een onderdeel van fotografie. Nu meer dan ooit. Daarvoor hoef je heus geen computerwizard of technisch wonder te zijn. Deze 4 eenvoudige bewerkingen tillen je foto’s direct naar een hoger niveau.

Nabewerking

Nabewerken kan met verschillende programma’s, die in moeilijkheid uit elkaar kunnen lopen. In Photoshop kun je eenvoudige bewerkingen maken maar ook hele ingewikkelde. Lightroom is iets eenvoudiger. Er zijn ook allerlei andere apps, onder andere voor je tablet of mobiele telefoon, die prima werken.

Bijsnijden en horizon rechtzetten

Wat je ziet door de zoeker en het exacte kader van je foto komen niet altijd exact overeen. Dus even netjes bijsnijden kan je foto beter maken. Je kunt ook je volledige compositie nog aanpassen, als je dat wil, maar beter is het om dat al in de camera goed te doen. Dat gezegd hebbende, op een groter scherm kunnen je foto’s er ineens wel heel anders uitzien. Snijd dan gerust bij, dat kan zelfs met eenvoudige telefoon apps eenvoudig. Controleer meteen ook even of de horizon recht staat. Zo niet, corrigeer deze dan. Goede foto’s hebben een rechte horizon!

Belichting

Kijk ook altijd even kritisch naar je belichting. Waarschijnlijk heb je daar al veel aandacht aan besteed toen je de foto maakte, of je nu je instellingen handmatig hebt gemaakt of niet. Maar soms is het verschil tussen licht en donker groot, en heb je je meter op een licht of juist donker deel gericht. Of het resultaat is gewoon lichter of donkerder dan bij de foto past. Een RAW bestand biedt je in dit geval meer informatie, dus een betere kwaliteit na de nabewerking. Het is een goed idee om je histogram te gebruiken om te kijken waar je eventueel kunt compenseren.

Kleur en witbalans

Tenzij je graag zwart-wit foto’s maakt, is kleur erg belangrijk in fotografie. Zorg dus dat de kleuren kloppen en overeenkomen met wat je ziet, met de sfeer die je probeerde vast te leggen. De meeste fotografen hebben de witbalans instelling op hun camera op automatisch staan. Dat is prima, maar bij kaarslicht, zonsondergangen of bij verschillende soorten licht die samenkomen, kan de camera de kleuren anders maken. Wit is nog steeds wit, maar je wilde misschien juist dat warme licht in je foto hebben. In de nabewerking kun je dat aanpassen. Ook hier geldt dat dat het beste gaat wanneer je in RAW fotografeert, want dan verlies je geen kwaliteit. Maar ook in Jpeg (of bij mobiele telefoon foto’s) kun je dit aanpassen.


Levendigheid en verzadiging

Wanneer je de verzadiging verhoogt, maak je alle kleuren in de foto sterker of feller. De levendigheid doet dit vooral voor de kleuren die minder verzadigd waren. Meestal kun je beide met een schuifje eenvoudig aanpassen, Doe het niet te sterk, want dan komt je foto heel ‘nep’ over.

Overigens geldt dat niet alleen voor verzadiging en levendigheid; maak je nabewerking stapje voor stapje, zodat je foto er niet over-bewerkt uit komt te zien.

 

afbeelding van Amy Schutte
Door: Amy Schutte

Amy Schutte | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Amy