5 essentiële cameratrucs voor iedere fotograaf

5 essentiële cameratrucs voor iedere fotograaf

Senta Bemelman 753
Op het internet en in de boeken zijn talloze tips op het gebied van fotografie. Vijf essentiële tips voor iedere fotograaf.

Tip 1: Controleer je fotografiekit

Controleer nogmaals je fotografiekit, net voordat je de deur uitstapt. Als je een fotoshoot op locatie hebt, kun je in alle haast belangrijke apparatuur vergeten. Misschien heb je al dagen van tevoren je cameratas klaar staan, zorg ervoor dat je op het laatste moment toch de inhoud controleert. Dit komt doordat je misschien geen rekening gehouden hebt met het weer of de lichtval. Ook kan het dat je fotoshoot op locatie ineens een studioshoot wordt. Dat vergt andere apparatuur. Lees hier hoe je de juiste apparatuur kiest voor op reis. Neem geen onnodige accessoires mee, dit maakt het gewicht zwaarder, wat onprettig is als je lang op reis bent of loopt.

Tip 2: Schiet meer foto’s dan je nodig hebt

Zorg dat je altijd een buffer aanlegt. Dit betekent dat je meer beelden schiet dan je nodig hebt. Ook als denk je dat je de perfecte plaat hebt, fotografeer nog even door. Soms zie je op het scherm niet helemaal of de focus en scherpte correct is. Door deze buffer voorkom je teleurstelling bij de nabewerking. Bovendien kan op locatie de lichtval soms per seconde verschillen. Als je per pose of compositie één of twee extra foto’s maakt, kun je die verschillen op beeld vastleggen. Neem niet te veel foto’s, hierdoor is je geheugen snel vol en ben je veel tijd kwijt aan de selectie van je foto’s.

Tip 3: Kies de juiste camerastand

Als je fotografeert, is het lastig om de juiste camerastand te kiezen. Meestal wordt gekozen voor de A-stand of de S-stand. Met de A-stand ligt de nadruk op het diafragma, dit stel je in en de camera past de rest hierop aan. Bij de S-stand stel je de sluitertijd in en wordt het diafragma bepaald door je camera. Lees hier meer over de camerastanden. Probeer beide standen uit en kijk waar jij fijner mee fotografeert. Kijk ook naar wat je fotografeert. Bij een sportwedstrijd zou bijvoorbeeld de S-stand meer van toepassing zijn dan bij een portretfoto.  Bij portretten is de A-stand beter.


Kies bij een protretfoto liever de A-stand

Tip 4: Lees het histogram

Het histogram geeft je veel informatie, die je vaak met het blote oog niet waarneemt door je zoeker. Het scherm van je camera kan daarnaast ook afwijken van het beeld dat daadwerkelijk wordt vastgelegd. Zo kan in de nacht een foto lichter lijken op je scherm, dan deze in werkelijkheid is. Dit is natuurlijk zonde als je hier bij thuiskomst achter komt. Lees hier hoe je een histogram precies leest.
 

Tip 5:Gebruik een externe flitser

Hoewel je prima foto’s kan maken met de ingebouwde flitser van je camera, is een externe flitser zeker een aanrader. Omdat je maximale bewegingsvrijheid hebt, kun je het onderwerp op veel manieren belichten. Daarnaast voorkom je ook harde schaduwen door vanuit diverse hoeken te flitsen. Een externe flitser geeft je meer controle over de lichtbron en lichtval.




Heb jij ook een essentiële tip  voor andere fotografen?

afbeelding van Senta Bemelman

Senta Bemelman | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Senta