Portretfotografie in de avonduren draait om het vinden van aanwezig licht - en een verandering in instellingen. 

Tips voor het maken van portretten bij nacht

Geert van der Klugt 102
Portretten maken in de nacht heeft een extra moeilijkheidsgraad, maar het is zeker niet onmogelijk. Met deze tips kom je een heel eind.

Zet de automatische stand uit

Als je je camera in de automatische stand gebruikt zie je twee dingen gebeuren. Wanneer de flitser uit is gaat je camera automatisch een lange sluitertijd kiezen om het gebrek aan licht te compenseren. Het gevolg is dat je onscherpe foto's krijgt. De camera beweegt of je model blijft niet lang genoeg stil staan. Wanneer je dit omdraait en de flitser aan zet, dan kiest de camera een snellere sluitertijd terwijl het onderwerp goed verlicht is door de flitser. Wat je dan ziet is dat de achtergrond zwart is geworden. Beide situaties zijn verre van ideaal, en zullen niet zorgen voor het resultaat dat je zoekt. 

LEES OOK: Leer de ogen op een natuurlijke manier te bewerken in Photoshop

Nachtmodus

De camera op de handmatige stand zetten lijkt een oplossing, maar een andere mogelijkheid is het gebruiken van de ingebouwde nachtmodus. Deze modus kun je vaak vinden op je instelwiel of selecteren via het menu. De nachtmodus wordt weergegeven als icoon en dus niet als letter. Deze modus zorgt ervoor dat de flits flitst, maar ondanks dat langere sluitertijden toelaat.

Een lange sluitertijd betekent dat de camera stil moet blijven. Maak dus gebruik van een stevige ondergrond, zoals een zak met rijst op een muurtje, of... een statief. Wanneer je niet fotografeert met een stabiele ondergrond zal je schimmen of strepen van de verlichting zien. Dit is niet per sé goed of fout, want ook hiermee valt te spelen.

De handmatige stand

Wanneer je er klaar voor bent kan je naar de handmatige stand. Je kunt de foto dan volledig naar eigen hand zetten. Je zult hierbij wel enige kennis nodig hebben van de instellingen: wat ze betekenen en -doen. Wanneer je tijdens een feest fotografeert, dan kies je bijvoorbeeld vaak een open diafragma; een sluitertijd van rond d1/250 en gebruik je een flitser of -hoge ISO-waarde. 

Het belichten van je onderwerp

Wanneer je de volledige controle wilt hebben over het licht, dan kies je licht dat weg schijnt van de camera. Dat kan een externe flitser zijn, welk je bijvoorbeeld naast de camera plaatst. Wanneer je een flitser naast de camera plaatst kan je het beste een trigger gebruiken om de flitser te bedienen. Niet vereist, want continu licht van een studioflitser (met softbox) of een LED-paneel werkt prima. Heb je deze apparatuur niet, zoek dan de straatverlichting op. Straatverlichting is vaak voldoende voor een mooi portret.

De achtergrond

De achtergrond moet vaak langer belicht worden om zichtbaar te worden op de foto. Je kunt hiervoor een statief gebruiken, maar je kunt ook jde ISO-waarde hoger stellen, waardoor de sluitertijd minder lang wordt, maar de achtergrond belicht blijft. Experimenteer vooral met je ISO. 

Het fotograferen

Voordat je gaat fotograferen is het het makkelijkst wanneer je voor jezelf duidelijk hebt hoeveel scherpte je wilt hebben. Een groot diafragma als f 2.8 betekent dat de achtergrond onscherp wordt, maar betekent tevens dat je een kortere sluitertijd kunt gebruiken om de achtergrond te belichten. Bij gebruik van de flitser is de sluitertijd niet belangrijk voor het onderwerp, dus moet je eerst de belichting van de flits in orde krijgen. Een sluitertijd van vaak 1/200e is maximaal bij het flitsen - de zogenaamde synchronisatietijd van de camera. Als je niet goed kunt scherpstellen op je onderwerp, door bijvoorbeeld gebrek aan licht, dan kan je de zaklamp van je telefoon in het gezicht van de persoon die je fotografeert houden. Het gezicht wordt dan voldoende verlicht om te kunnen zien op je LCD-scherm en zodoende kan je handmatig scherpstellen.

Richt je flits op het onderwerp met een laag vermogen als 1/32 of 1/16. Neem een foto en controleer. Ten eerste: is het onderwerp te licht, zet dan de flitser uit. Is het onderwerp te donker, zet dan de flitser aan. Als het onderwerp te helder is op een laag flitsvermogen, verplaatst de camera dan verder van het onderwerp. Maak je niet druk als het de eerste keer niet lukt - alles op eigen tempo. 

Ga erop uit!

Leuk hoor, al die foto tips, maar zonder erop uit te gaan heb je er helemaal niets aan! Laat je niet tegenhouden door het donker en creëer eigen licht voor prachtige portretfoto's!

 

afbeelding van Geert van der Klugt

Geert van der Klugt | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Geert