Op bezoek in Elgin Park

Interview met miniatuurfotograaf Michael Paul Smith

Redactie 951
Op het eerste gezicht lijken het echte foto's uit een lang vervlogen Amerika. Straten vol met klassieke slagschepen uit de jaren dertig, veertig en vijftig. Pas als je beter kijkt zie je dat het autominiaturen en modelhuizen zijn, levensecht gefotografeerd door Michael Paul Smith. We brengen een bezoek aan Elgin Park en horen het bijzondere verhaal van de maker.

De wegen zijn leeg en een Oldsmobile draait de hoek om. Aan de andere kant van Elgin Park heeft een automobilist pech en wacht op een takelwagen.  Het zijn de late jaren vijftig, de tijd waarin Michael Paul Smith kind was. En hoe echt het allemaal ook lijkt, de auto’s zijn miniatuurmodellen en de huizen zijn door Michael zelf gemaakt.

Sinds een jaar of tien is Michael Paul Smith bezig met het fotograferen van zijn schaalmodellen. Michael: 'Gek genoeg heb ik het mezelf geleerd. Het hele proces was erg nieuw voor me, de computer en camera kwamen op hetzelfde moment in mijn leven. Ik ben niet heel technisch, dus ik ben lang bezig geweest om te kijken hoe alles werkt.'

Vage begrippen

Michael zegt nooit informatie te hebben opgezocht over het fotograferen van diorama's en modelauto's. 'Ik ben gewoon begonnen op mijn keukentafel. De grootste struikelblokken waren de belichting en om het gevoel van diepte in de scenes goed weer te geven.’

De techniek is ook niet het belangrijkste in de foto’s, het verhaal en de sfeer in zijn veel belangrijker. Michael wil met Elgin Park een beeld geven van zijn eigen jeugd in de jaren vijftig en zestig. Het is een tijd waar hij zich heel comfortabel bij voelt, al was zijn eigen jeugd niet altijd vrij van problemen. Al vroeg, op de kleuterschool, ontdekte hij dat hij homoseksuele gevoelens had. Michael was een outsider, andere kinderen voelden dat hij anders was. Hij werd gepest en getreiterd. Daarom komt hij, zoals hij dat zelf zegt, vanuit een andere hoek in deze wereld en heeft hij nooit echt zijn draai kunnen vinden. Enkele keren heeft hij op het punt gestaan een eind aan zijn leven te maken, maar op die momenten werd hij tegengehouden door de gedachte dat er ooit een manier zou komen waarop zijn leven betekenisvol zou kunnen zijn. Pas toen hij met fotografie begonnen is en de foto’s heel erg populair en geliefd bleken te zijn, heeft hij zijn plaats in de maatschappij gevonden. Er is een doel in zijn leven gekomen, zijn bestaan heeft betekenis gekregen. Daarnaast vindt Michael het heel fijn dat hij met zijn werk mensen kan inspireren. Want het zijn niet zozeer alleen foto’s van modelauto’s, maar Michael is op zijn eigen manier bezig om de twintigste eeuw te documenteren. Kortom: het is veel meer dan alleen een hobby.

Zijn achtergrond is nogal gevarieerd. Hij is gestart als leraar, maar al snel in de reclame terechtgekomen. Ook is hij nog postbode, fabrieksarbeider, meubelmaker, behanger en binnenhuisschilder geweest. Maar ook modelbouwer, een beroep waar hij nu veel profijt van heeft.

Tot op de dag van vandaag zijn begrippen als sluitertijd en diafragma echter nogal vaag voor Michael. Hij vertelt: 'Hoe ik het allemaal voor elkaar moet krijgen is iedere keer weer een raadsel. Gelukkig kwam er op een moment een digitale camera die zichzelf automatisch instelde, dat voelde als een bevrijding. Nu is het gewoon point-and-shoot. Ik werk met een Canon Powershot SX230 hs. Als ik een betere camera zou pakken gaat dat denk ik ten koste van de echtheid van mijn foto's. Mijn compactcamera vangt veel minder informatie, daardoor lijken ze meer waarheidsgetrouw.'

Ah-Ha-moment

Naast een grote verzameling van ruim 300 die-cast modellen heeft Michael ook nog een collectie spulletjes uit het midden van de 20e eeuw. Michael: 'Ik heb een tijd modellen gemaakt bij een architectenbureau, vandaar mijn handigheid in het bouwen van miniatuurhuizen. Het voelde logisch om die twee te combineren en op die manier een verhaal te vertellen. Toen werd de artiest in me wakker. Het was een Ah-Ha-moment.'

Design fascinerend

Naar auto's kijken maakt de fotograaf blij, al heeft hij zelf helemaal geen auto. 'Voordat ik een computer kocht had ik een dik boek waar alle Amerikaanse auto's van 1920 tot 1985 in te zien zijn. Dat boek heb ik duizenden keren doorgenomen. Alle veranderingen in design zijn fascinerend. Ik vind oude auto's veel aantrekkelijker om naar te kijken. Nieuwere modellen, op enkele uitzonderingen na, zijn gewoon dingen om in rond te rijden. Ik lees nog steeds veel autobladen, maar ik vind klassiekers esthetisch veel interessanter', aldus de Amerikaan.

Tijdsgeest vinden

Michael vertelt trots: 'Zelfs mensen die niks weten van auto's zien aan mijn foto's over welke tijdperken ze gaan. De kleuren en het gebruik daarvan waren vroeger heel anders. Dat alleen al maakt het voor mij spannend. Ik probeer het gevoel uit het verleden terug te krijgen. Auto-ontwerpen hangen heel nauw samen met de tijdsgeest.'

‘Vooral snapshots uit het verleden zeggen me veel, die laten veel zien van het tijdperk waarin ze genomen zijn. Ook oude B-films zijn erg inspirerend. Doordat de filmmakers met een klein budget moesten werken zie je in buitenshots echt hoe de werkelijkheid toen was. Vergeet het verhaal van zo'n film, de achtergrond is veel interessanter.’

In de weekenden

Meestal maakt hij twintig tot dertig foto's om de uiteindelijke foto te krijgen die volledig beantwoordt aan wat hij wilde vertellen. Michael: 'Soms gaat het heel snel, maar soms ook niet. Er is een keer geweest dat ik bezig was met een nachtfoto. Het wilde maar niet lukken met de belichting. Ik ben toen naar buiten gegaan om te observeren hoe licht zich in de nacht gedraagt. Andere dagen lukt het in twee of drie foto’s.’ Het fotograferen van de schaalmodellen is een hobby van de fotograaf. Heel zijn weekenden zijn ermee gevuld. Het is volgens Michael geweldig wat je kan doen met weinig middelen en tijd.

De essentie

Smith vertelt over hoe hij zijn foto's zelf graag ziet: 'Ik wil dat het lijkt alsof je lopend op straat in een scene uit een van mijn foto's valt. De situaties moeten ongestudeerd en ruw lijken, niet alsof ik alles precies recht heb uitgelijnd. Als ik bouw doe ik gewoon alsof ik tien centimeter groot ben. Ik loop dan in gedachten door de scene en neem alles in me op. In het echt loop ik ook veel. Ik neem dan ook alle details in me op en probeer ze te onthouden. Ik heb een fotografisch geheugen, dat helpt.’

De vraag die hij zichzelf dan vaak stelt is: 'Wat is de essentie van wat ik zie? Is het een buitenwijk, een treinstation? En ik kijk welke objecten het meeste emotionele gewicht hebben. Vaak is dat niet direct een gebouw, maar meer de manier waarop alles zich tot elkaar verhoudt. Die kennis gebruik ik als ik mijn foto's maak.'

Missende details

Als je zijn foto's ziet lijkt het alsof ze vol zitten met details, maar als je beter kijkt blijkt dat helemaal niet zo te zijn. Er missen een hoop alledaagse details. Michael: 'De echte realiteit zit bomvol met allerlei dingen. Wat mijn foto's wel hebben zijn sterke visuele hints naar het verleden, naar herinneringen. De missende details, zoals rotzooi en slijtage aan gebouwen en infrastructuur worden ingevuld door de kijker. Het is voor een groot deel theater van ons eigen brein.'

‘In de laatste jaren is mijn aanpak wel wat veranderd. Sinds een jaar of vier werk ik meer intuïtief, meer op mijn gevoel. Het voelt alsof het automatisch gaat. Locatie, tijdstip, plaatsing van de auto’s: ik doe het allemaal op mijn gevoel en daardoor worden de foto’s natuurlijker en minder geposeerd. Ze lijken ook complexer, hoewel er nog steeds niet zo heel veel details te zien zijn. Dat moet met het verhaal te maken hebben, ik vertel meer dan voorheen een verhaal in mijn foto’s. Nog steeds zijn er geen mensen te zien in mijn foto’s, behalve in de auto’s die ‘rijdend’ in beeld te zien zijn. Bij die auto’s zou het natuurlijk raar zijn als er geen mensen in zouden zitten.’

‘Ondertussen heeft mijn Flickr-pagina ruim 90 miljoen kijkers getrokken, een ongelofelijk aantal mensen. Bezoekers schrijven soms dat een bezoek aan Elgin Park voelt als thuiskomen, dat vind ik erg mooi. Misschien komt dat juist door het ontbreken van de menselijke figuren in mijn foto’s, zo kan iedereen er zijn eigen verhaal bij vertellen.’

‘In de zomer van 2014 werd ik benaderd door een filmmaker, Danny Yourd, die een korte film over mij en over Elgin Park wilde maken. Zonder twijfelen stemde ik toe. De filmploeg is toen drie dagen komen filmen. Gelukkig snapten Danny en cameraman John precies waar het me met Elgin Park om gaat, dus het hele proces was erg fijn. Een paar maanden later zag ik de eerste filmbeelden en, ondanks het feit dat ik daar best een beetje zenuwachtig voor was, zag het er allemaal erg mooi uit. Mijn uitspraken waren in de goede context geplaatst. Fijn, want ik weet dat men in de montage het verhaal helemaal zou kunnen verdraaien. Toen het moment van de online première dichtbij kwam werd ik wel wat gespannen, want ik wist niet hoe de buitenwereld op de film zou reageren. Maar dat viel gelukkig heel erg mee, de hoeveelheid positieve reacties was werkelijk overweldigend. Mijn verhaal komt heel goed naar voren en ik kwam er zelf achter dat het verhaal achter Elgin Park vrij diepgaand is en dat het ook een heleboel verschillende mensen aan kan spreken. Mooi, dat ik vanuit een ander standpunt naar mijn eigen verhaal heb kunnen kijken.’

Michael Paul Smith (1950)

Michael Paul Smith is een hobbyfotograaf en –modelbouwer die wereldwijd bekendheid kreeg met zijn project Elgin Park, een zelfbedacht en ontworpen dorp dat hem doet denken aan zijn kindertijd. Zijn Flickr-profiel heeft inmiddels meer dan 90 miljoen kijkers en ook heeft hij twee boeken uitgebracht over het fictionele dorp.

www.visitelginpark.com

ELGIN PARK: Visual Memories of Midcentury America at 1/24th scale

  • Michael Paul Smith en Gail K. Ellison
  • Uitgever: Animal Media Group LLC
  • 324 pagina’s

Hier koop je het boek

afbeelding van Redactie

Redactie digifoto Starter | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Redactie