Basiscursus: Natuurfotografie

Basiscursus: Natuurfotografie

charlottelipic 2853
Bij natuurfotografie zijn de onderwerpen overal om je heen en in alle soorten en maten te vinden. Je kunt er een speciaal dagje uit van maken, maar in het parkje of bos vlak bij je huis, of zelfs je achtertuin is vaak al een hoop te ontdekken. Natuurfotograaf Harald Lassner helpt je een heel stuk op weg met handige tips en trucs.

Een goed begin is het halve...

Op de eerste plek komt natuurlijk altijd de voorbereiding, want: 'Een goede foto maken vergt enige voorbereiding!', benadrukt Harald. Het is belangrijk dat je weet hoe jouw fotocamera werkt onder alle omstandigheden. 'Probeer dit zoveel mogelijk thuis uit, dat scheelt heel wat teleurstelling achteraf. Denk er ook aan om bij extreme kou een extra accu mee te nemen.'

Vroege vogels

Harald noemt 's ochtends tot 11:00 uur en 's middags na 16:00 uur tot zonsondergang als beste tijden om buiten te fotograferen. 'Dan krijg je de mooiste resultaten. De ochtendfoto's geven over het algemeen een heldere en scherpere weergave, de avondfoto's zijn daarentegen wat warmer.' Met het kiezen van het tijdstip waarop je fotografeert, kies je dus ook meteen de sfeer die je foto uitstraalt.


Roodborst Erithacus rubecula: Canon 7D, 300mm objectief + 1.4 extender, ISO 400, F/5.6, 1/8000 sec (gemaakt vanuit de auto met raamstatief)

Niet op pad zonder statief

Een statief is toch wel een must als het om natuurfotografie gaat. Het is een groot en vaak zwaar ding, wat lastig is om mee te nemen. 'Maar de resultaten achteraf doen je het gesjouw snel vergeten. Fotograferen uit de auto levert vaak goede beelden op. Gebruik in dit geval een rijstzak of raamstatief.' Een alleen statief garandeert nog geen stil beeld. Voor het uitsluiten van elke beweging van je camera is het handig een draadontspanner te gebruiken. 'Heb je die niet, gebruik dan de zelfontspanner.'

Denk na over compositie

Wanneer we het over de compositie hebben, loont het over het algemeen als je in de kijkrichting van een dier meer ruimte hebt dan aan de andere kant. Probeer ook het onderwerp vrij te houden, zodat storende elementen het oog niet afleiden van waar het eigenlijk om gaat. 'De klassieke compositieregel is 1/3 2/3, dat wil zeggen dat je het hoofdonderwerp altijd op een derde deel van het vlak moet zetten. Hetzelfde geldt voor boven- en onderkant. In de praktijk blijkt dat je altijd “te weinig millimeters” hebt, maar met geduld en een andere instelling kun je ook met weinig millimeters aardige foto’s maken die dan juist meer van de leefomgeving van het dier laten zien. Bij watervogels krijg je het beste resultaat vanuit een laag standpunt.' Houdt dus ook rekening met je kleding als je op pad gaat, zodat je altijd naast een riviertje of vijver lekker op je buik kunt liggen.


Steenloper Arenaria interpres: Canon 7D, 300mm+1.4 extender objectief, ISO 500, f/8, 1/320sec. (Gemaakt vanuit de foto met een rijstzak)

Camera-instellingen

Het daglicht is goed, je camera staat klaar en de compositie heb je bepaald. Dan is het toch echt tijd voor het daadwerkelijk schieten van de foto's, en daarmee de vragen: Wat is de juiste sluitertijd, diafragma, ISO en belichting? 'Deze keuzes zijn voor iedere fotograaf altijd belangrijk, of je nu beginner of gevorderd bent. In de natuurfotografie is in de meeste gevallen de AV- stand (diafragma voorkeur) de beste keuze; ben je gevorderd dan kun je hem ook op de M-stand zetten (handmatig). Als je bij witbalans de keuze handmatig kunt instellen, kies dan eens kelvin, je zult verbluft staan over het resultaat. Het adviseren van de juiste ISO -waarde blijft moeilijk, bij mij staat die altijd op 400 of iets hoger, zo kom ik niet gauw voor onverwachte verrassingen te staan.'

In de natuurfotografie kom je vaak beelden tegen waarin de achtergrond wazig is en het onderwerp er duidelijk uitspringt. 'Bij drukke achtergronden kun je proberen met een geringe scherptediepte (dit creëer je met een groot diafragma), de achtergrond zo onscherp mogelijk te maken. Lijnenspel maakt een foto spannend en kan een diepte-effect geven.'

Bij het fotograferen van vliegende objecten, bijvoorbeeld vogels of vlinders, raadt Harald aan om 1/3 stop of meer over te belichten. 'Bij bewegende objecten is ''al servo'' de beste keuze. Bij stilzittende dieren of landschappen kun je beter ''one shot'' kiezen. Een invulflits kun je gebruiken op bewolkte dagen of in het bos, waar het bladerdek heel wat licht tegenhoudt.'. Hiermee krijg je vaak een mooi uitgebalanceerd resultaat.


Vrouwtje Baardman Panurus biarmicus: Canon 7D, 300mm lens+1.4 extender, ISO 100, f/7, 1/500sec. (Gemaakt rond de ochtend met heel zacht licht)

Nabewerking

Typ eens ''fotobewerking'' in op Google en je wordt overspoeld met maar liefst 847.000 links die allemaal zeeën van mogelijkheden bevatten. 'Op dit gebied is er zoveel dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Picasa is aardig om mee te beginnen en bovendien geheel gratis. Wil je iets meer, dan adviseer ik Adobe Photoshop, omdat de mogelijkheden onbeperkt zijn en je er buitengewone resultaten mee kunt bereiken. Op de site van Canon vind je ook heel wat fotobewerkingstips.'

Meer dan de basisregels kun je niet leren van een tekst. Het ontwikkelen van een eigen stijl leer je alleen met je camera in je hand. Neem op je eerstvolgende wandeling dus je spiegelreflex mee en ontdek alle mogelijkheden die natuurfotografie te bieden heeft.

 
Kramsvogel: Canon 7D, 300mm objectief+1.4 extender, ISO 400, f/9 ('Tijdens het fotograferen belicht ik altijd één stop onder of over, afhankelijk van het licht. Vliegende effecten, zoals deze vogels, moet je altijd overbelichten')

Foto's © Harald Lassner

Deze foto's zijn nog maar een kleine greep uit het portfolio van Harald. Wil je meer voorbeelden van natuurfotografie zien? Neem dan een kijkje op zijn website: www.haraldlassner.fotoport.nl

afbeelding van Remy Remmerswaal

Goed verhaal en mooie foto's Harald....!!