Camera-instellingen bij nachtfotografie

Camera-instellingen bij nachtfotografie

Senta Bemelman 586
Overdag gebruik je tijdens het fotograferen ander instellingen dan in de avonduren. Leer hoe je jouw camera kunt instellen bij nachtfotografie!

In een donkere omgeving fotograferen is erg lastig. Dit komt doordat er niet genoeg licht op de sensor terecht komt. Het resultaat is bekend: bewogen of onderbelichte foto’s. Leer hieronder hoe je de camera-instellingen goed kiest.

Stand

De fotografie-modus is erg belangrijk. Je kunt uit diverse standen kiezen zoals: P, S, A of M. Daarnaast heeft jouw camera mogelijk ook speciale standen waarbij je camera deels automatisch wordt ingesteld zoals de portret- of snelheidsmodus. Gebruik in het donker de Manual of S-stand. Met deze standen heb je zelf meer vrijheid over het bepalen van de sluitertijd, wat erg belangrijk is bij nachtfotografie.In de onderstaande video worden beide begrippen uitgelegd. Manual of s-stand

Focus

Focus liever manueel dan automatisch. Wanneer je de camera laat focussen middels autofocus, kan dit niet de gewenste resultaten opleveren. Door de donkere setting kan jouw camera de omgeving moeilijk lezen en scherpstellen op een onderwerp doordat de sensor moeite heeft met de informatie uit de omgeving lezen omdat het licht ontbreekt. Daarnaast is ook de brandpuntafstand belangrijk tijdens het fotograferen. Dit is het punt waarop de lichtstralen samenkomen op de sensor. Als deze afstand niet klopt

ISO

De ISO-waarde bepaalt de sterkte van het licht. In een donkere setting versterk je het licht doormiddel van de ISO. Maar als je een te hoog getal gebruikt, wordt ruis zichtbaar. Wanneer je ruis ziet is ook afhankelijk van je camera. Sommige camera’s kunnen een hoge ISO-waarde hebben, maar weinig ruis laten zien, terwijl andere toestellen bij ISO 3200 vertekenen. Vrees bij nachtfotografie een hogere ISO-waarde niet. Meestal is ISO 1600 een redelijke optie om je in de avonduren mee te redden. Kijk vooral naar het bereik van jouw camera en maak foto’s met diverse ISO-waarden en zoom flink in wanneer je deze op je camera terugkijkt. Zo kun je meestal zien of er sprake is van ruisvorming.

Sluitertijd

Een manier om de goede sluitertijd overdag te kiezen is door de volgende vuistregel toe te passen. De sluitertijd die je gebruikt is twee keer zo hoog als de brandpuntafstand. Bij een lens met een vaste brandpuntafstand van 50 mm zou dit neerkomen op een sluitertijd van 1/100 seconde. Door deze regel voorkom je bewegingsonscherpte. Lees hier meer over het kiezen van de juiste sluitertijd. De sluitertijd bepaalt hoelang de sensor wordt blootgesteld aan het licht dat door het diafragma op de lens terecht komt. Omdat je weinig aanwezig licht hebt in de avonduren wordt het toepassen van de vuistregel lastig. Daarom wordt vaak gekozen voor een lange sluitertijd om voldoende licht op de sensor te laten komen. Gebruik een statief zodat je met een sluitertijd van seconden kunt werken en eventueel een afstandsbediening om camerabeweging te voorkomen. Zo kun je bijvoorbeeld een sluitertijd van 15 seconden gebruiken om de skyline in de avond te fotograferen. Bekijk dit handige overzicht om precies te zien welke instellingen je in de nacht gebruikt voor verschillende onderwerpen.

Diafragma

Het diafragma bepaalt hoeveel licht wordt doorgelaten op de sensor. Je hebt handige trucjes en ezelsbruggetjes om de diafragmareeks te onthouden. Met het diafragma bepaal je ook wat scherp en onscherp is in je foto. Dit wordt ook wel scherptediepte genoemd. Een foto waarin het onderwerp scherp is en de achtergrond wazig wordt weergegeven (bijvoorbeeld een portret) heeft een kleine scherptediepte. Een foto die van voor tot achter scherp is (bijvoorbeeld een landschapsfoto) heeft een grote scherptediepte. Het diafragma wordt aangeduid met een f-getal: een laag getal zoals f/3.5 (grote opening) geeft een kleine scherptediepte. Een hoog getal zoals f/11 (kleine opening) geeft een grote scherptediepte. Gebruik een klein diafragmagetal om zo veel mogelijk licht door te laten. Maar let ook op je onderwerp. Als je bijvoorbeeld het verkeer fotografeert, dan is een groter diafragmagetal gewenst omdat je ander teveel licht door laat en een overbelichte foto krijgt.

Meer tips

Bekijk in de onderstaande video nog meer handige tips en instellingen bij nachtfotografie.

 

afbeelding van Senta Bemelman

Senta Bemelman | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Senta